AI maakt software bouwen makkelijker. Juist daarom moet het fundament beter

Marc Dekeyser, oprichter van Crimson Owl Technologies, over cloudarchitectuur in het AI-tijdperk, controleerbare AI en waarom transparantie meer moet zijn dan een mooie belofte.

Leestijd 7 min
AI maakt software bouwen makkelijker. Juist daarom moet het fundament beter

Nog nooit was het zo eenvoudig om software te bouwen. Met AI kunnen applicaties in hoog tempo worden ontwikkeld, aangepast en uitgerold. Maar juist die snelheid brengt volgens Marc Dekeyser een nieuw risico met zich mee.

Want wie controleert eigenlijk of het fundament waarop al die technologie wordt gebouwd nog klopt?

Dekeyser werkt ruim twintig jaar in IT, waarvan tien jaar als cloudarchitect voor organisaties als Microsoft, Sogeti en VolkerWessels, zowel in Europa als in de Verenigde Staten. De laatste drie jaar begeleidde hij startups en scale-ups via Microsoft for Startups.

Daar zag hij steeds opnieuw hetzelfde patroon.

Architecturen die waren ontworpen voor een organisatie van twee jaar geleden. Security en compliance die pas aandacht kregen zodra een grote klant erom vroeg. En vooral: een tekort aan ervaren mensen die het totale technische landschap konden overzien.

Met Crimson Owl Technologies probeert hij precies dat probleem op te lossen.

Architectuur is onzichtbaar, totdat het misgaat

“Architectuur is het fundament van een organisatie, net als bij een huis. Je ziet het meestal niet en je merkt het vaak pas wanneer het niet deugt,” zegt Dekeyser.

Dat probleem wordt volgens hem alleen maar belangrijker nu AI het ontwikkelen van software toegankelijker maakt.

Applicaties kunnen sneller worden gebouwd dan ooit. Maar de kennis over security, cloudarchitectuur, compliance en schaalbaarheid groeit niet automatisch mee.

“De drempel om iets te bouwen is in twee jaar tijd vrijwel verdwenen. De kennis die nodig is om het goed te doen, is dat niet.”

Crimson Owl Technologies ontwikkelde daarom Platform Architecture Authority, PAA. Daarmee legt Dekeyser zijn expertise als cloudarchitect vast in software.

Het uitgangspunt is eenvoudig: een organisatie moet toegang kunnen krijgen tot architectuurkennis van senior niveau, zonder zelf een compleet architectuurteam in dienst te hebben.

Van weken overleg naar een ontwerp binnen een uur

PAA ontwerpt en toetst cloudarchitecturen.

Een organisatie legt uit wat zij wil realiseren en vanuit welke situatie zij vertrekt. Vervolgens maakt PAA een ontwerp inclusief onderbouwing en toetst dit onder meer op netwerkarchitectuur, identiteit, security en kosten.

“Normaal heb je verschillende specialisten nodig die elkaars werk bekijken en agenda’s op elkaar moeten afstemmen. Wat voorheen weken kon kosten, kan zo binnen ongeveer een uur worden uitgevoerd.”

De eerste zeven klanten die via PAA een ontwerp ontvingen, namen dat volgens Dekeyser ongewijzigd over.

“Dat was voor ons het moment waarop we zagen dat het principe werkte.”

Maar een goed architectuurontwerp is slechts het begin.

Want vrijwel iedere organisatie heeft ergens een architectuurplaat liggen.

De vraag is alleen: klopt die nog met de werkelijkheid?

De architectuurtekening en de werkelijkheid lopen vaak uit elkaar

Met leesrechten die een klant zelf verstrekt en ook weer kan intrekken, kan PAA controleren hoe een cloudomgeving daadwerkelijk is ingericht.

Het systeem vergelijkt die werkelijkheid vervolgens met het oorspronkelijke ontwerp en met relevante eisen en regels.

“Bijna iedere organisatie heeft een architectuurtekening. Maar in de praktijk verandert een omgeving voortdurend. Vaak merk je pas tijdens een audit dat de werkelijkheid inmiddels heel anders is.”

Daarbij kijkt PAA volgens Dekeyser nadrukkelijk naar de inrichting van systemen en niet naar de inhoud.

“Wij hoeven geen mailboxen, documenten of bedrijfsgegevens te lezen. We willen weten hoe de omgeving technisch is ingericht.”

Vooral Nederlandse middelgrote organisaties in gereguleerde sectoren kunnen daarvan profiteren. Zij moeten steeds vaker aantonen dat hun IT-omgeving beheerst en veilig is, maar zijn vaak te klein voor een eigen architectuurteam.

Een tweede belangrijke doelgroep bestaat uit startups en scale-ups die werken op Microsoft Azure.

Dekeyser kent die wereld goed.

“De vraag naar architectuur komt daar vaak pas bij de technische due diligence van een investeerder, bij de securityvragenlijst van de eerste grote klant of op het moment dat de groei de architectuur heeft ingehaald.”

AI is op dit moment nog te vaak het wilde westen

Dekeyser ziet enorme kansen voor AI in Nederland, maar is tegelijkertijd kritisch over de manier waarop veel toepassingen worden ontwikkeld.

“Het is op dit moment voor een deel het wilde westen. Iedereen kan een applicatie bouwen, publiceren en gegevens verwerken, zonder ooit iets over softwarearchitectuur of security geleerd te hebben.”

Daar komt volgens hem de druk bij om vooral snel “iets met AI” te doen.

Terwijl de eerste vraag een andere zou moeten zijn:

Welk probleem willen we eigenlijk oplossen?

“Veel mislukte AI-projecten beginnen met de technologie en niet met de vraag. Maar zonder een scherp omschreven taak kun je achteraf ook niet vaststellen of het resultaat goed is.”

De grootste kansen ziet hij juist bij concrete werkzaamheden binnen Nederlandse organisaties.

Te weinig mensen. Te veel handmatig werk. Specialistische kennis die verdwijnt wanneer een ervaren medewerker vertrekt.

“De grootste winst zit niet in nóg een chatinterface. De kans zit in echt vakwerk en taken die nu blijven liggen omdat er niemand is die ze kan uitvoeren.”

Een AI-antwoord moet controleerbaar zijn

Daarbij is één principe voor Dekeyser essentieel: een AI-uitkomst moet kunnen worden getoetst.

Een taalmodel kan immers met grote overtuiging een antwoord produceren dat feitelijk onjuist is.

Daarom werkt PAA met vaste maatstaven, waaronder Microsofts Cloud Adoption Framework, het Well-Architected Framework en regelgeving die voor de betreffende klant relevant is.

“Als je de maatstaf openlaat, kan een model zijn eigen norm bedenken. Dan krijg je misschien een prachtig onderbouwd antwoord, maar tegen een norm die helemaal niet bestaat.”

AI moet volgens hem daarom werken met gegevens uit de werkelijke omgeving van een organisatie én met vooraf bepaalde criteria waaraan een antwoord wordt getoetst.

Transparantie moet je kunnen nalezen

Ook over gegevensverwerking kiest Crimson Owl Technologies bewust voor openheid.

Op de website is zichtbaar welke gegevens worden verwerkt, waar ze worden opgeslagen, welke andere partijen daarbij betrokken zijn en of gegevens buiten de Europese Unie terechtkomen.

Ook zaken die nog niet geregeld zijn, worden benoemd.

“We werken volgens ISO 27001 en maken dat inzichtelijk via ons publieke trust-portaal, maar we zijn nog niet gecertificeerd. Dan moet je dat ook gewoon zo zeggen.”

Voor Dekeyser is dat een belangrijk verschil.

“Transparantie is voor mij niet zeggen dat je transparant bent. Een klant moet het zelf kunnen controleren zonder er eerst om te hoeven vragen.”

En uiteindelijk blijft de verantwoordelijkheid volgens hem bij de organisatie die AI inzet.

“‘De AI zei het’ kan nooit het antwoord zijn wanneer er iets misgaat.”

Een professionele sector moet zichzelf ook durven beoordelen

Die visie is een belangrijke reden waarom Crimson Owl Technologies zich als Founding Member bij BRAIN Nederland heeft aangesloten.

Dekeyser herkent zich in de ambitie om als AI-sector zelf afspraken te maken over kwaliteit en verantwoord gebruik, in plaats van uitsluitend te wachten tot regelgeving bepaalt wat wel en niet mag.

“Verantwoorde AI is nu nog te vaak een zin in een marketingtekst. Maar als een klant het verschil niet kan zien tussen een leverancier die zijn zaken echt op orde heeft en iemand die dat alleen beweert, dan heeft zo’n term weinig waarde.”

Daarom zijn volgens hem concrete en toetsbare afspraken nodig over onderwerpen als transparantie, security, gegevensverwerking en compliance.

Dat helpt niet alleen klanten, maar ook kleinere AI-bedrijven.

“Wij worden beoordeeld door inkoop- en securityafdelingen die vaak gewend zijn aan grote leveranciers. Een kleiner bedrijf kan inhoudelijk alles uitstekend geregeld hebben en op papier toch verliezen. Een gedeelde norm vanuit de sector kan daar enorm bij helpen.”

Voor Dekeyser gaat het uiteindelijk om vertrouwen.

En dat vertrouwen ontstaat niet doordat de sector alleen vertelt hoe krachtig AI is.

Het ontstaat wanneer organisaties ook bereid zijn te laten zien hoe ze werken, waarop hun technologie wordt getoetst en waar de grenzen liggen.

“Als we willen dat organisaties AI vertrouwen, moeten we zorgen dat kwaliteit niet alleen wordt beloofd, maar ook aantoonbaar wordt.”

Precies daarom wil Crimson Owl Technologies binnen BRAIN Nederland bijdragen aan een professionele AI-sector waarin innovatie, transparantie en verantwoordelijkheid samen optrekken.